top of page
Zoeken

Behandeling van chronische pijn: opties en wanneer opschalen

  • Foto van schrijver: Boris Feldman
    Boris Feldman
  • 2 dagen geleden
  • 10 minuten om te lezen

Een patiënt bespreekt met de fysiotherapeut welke behandeling het beste is voor pijnklachten.

De meest effectieve aanpak voor de behandeling van chronische pijn in Nederland is een multimodale, biopsychosociale behandeling: oefentherapie en zelfmanagement als basis, met gerichte opschaling naar interdisciplinaire medisch specialistische pijnrevalidatie (IMSR) wanneer de klachten complex blijven. Dat is de kern van zowel de NHG-Leidraad Chronische Pijn als de Zorgstandaard Chronische Pijn. Medicatie speelt een ondersteunende rol, maar langdurig opioïdegebruik is uitdrukkelijk niet de standaard.

 

Concrete eerste stappen die u nu kunt zetten:

 

  • Maak een afspraak bij uw huisarts en bespreek uw klachten aan de hand van het biopsychosociale model (pijn, functie, stemming, werk).

  • Vraag een verwijzing naar een fysiotherapeut met ervaring in chronische pijn of een pijnrevalidatieprogramma.

  • Start een eenvoudig zelfzorgplan van twee weken: dagelijkse lichte beweging, slaaphygiëne en het bijhouden van een pijndagboek.

  • Evalueer na zes weken met uw behandelaar of opschaling naar multidisciplinaire zorg nodig is.

 

Inhoudsopgave

 

 

Wat is chronische pijn en hoe kijken specialisten ernaar?

 

Chronische pijn is pijn die langer dan drie maanden aanhoudt en die het dagelijks functioneren significant beperkt. Het gaat niet alleen om een lichamelijk signaal: specialisten hanteren het biopsychosociale model, waarbij biologische, psychologische én sociale factoren samen de pijnervaring bepalen.

 

Biologisch speelt centrale sensitisatie een belangrijke rol. Het zenuwstelsel raakt als het ware overgevoelig: prikkels die normaal geen pijn veroorzaken, worden toch als pijnlijk ervaren. Psychologische factoren zoals angst, catastroferen en depressie versterken dit proces. Sociale factoren, denk aan werkdruk, sociale isolatie of gebrek aan steun, doen er ook toe.

 

Wat dit betekent voor behandeling: het doel is niet altijd volledige pijnvrijheid, maar herstel van functie en kwaliteit van leven. Wie leert bewegen ondanks pijn, ervaart vaak als bijproduct ook minder pijn.

 

Chronische pijn treft een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking. Volgens de Richtlijn Chronische Pijnrevalidatie verbeteren patiënten in multidisciplinaire trajecten over een jaar meer in pijnreductie én dagelijks functioneren dan patiënten in gangbare monodisciplinaire zorg. De NHG en de Zorgstandaard Chronische Pijn gelden in Nederland als de leidende autoriteiten voor diagnostiek en behandelbeleid.

 

Welke niet-medicamenteuze behandelingen werken bij chronische pijn?

 

Oefentherapie en psychologische interventies zijn de best onderbouwde behandelingen voor chronische pijn. Dat is geen mening, maar de conclusie van de NHG-richtlijnen en de Richtlijn Chronische Pijnrevalidatie. Medicatie vult aan; het vervangt deze aanpak niet.

 

De vier hoofdpijlers

 

Oefentherapie en fysiotherapie vormen de basis. Graded activity, waarbij u de belasting geleidelijk opbouwt, helpt het zenuwstelsel te kalibreren en angst voor bewegen te verminderen. Lees meer over fysiotherapie bij pijndrempelverbetering als u wilt begrijpen hoe dit mechanisme werkt.


Een fysiotherapeut helpt een oudere patiënt bij het uitvoeren van oefeningen.

Cognitieve gedragstherapie (CGT) richt zich op de gedachten en gedragingen die pijn in stand houden. Psychologische interventies veranderen aantoonbaar de verwerking van pijnsignalen in de hersenen en verminderen de emotionele last die bij chronische pijn hoort, aldus de Cleveland Clinic.

 

Mindfulness en ontspanningstechnieken verlagen de pijnintensiteit door het stressrespons te dempen. Ze zijn geen vervanging voor beweging, maar een waardevolle aanvulling, met name bij slaapproblemen en verhoogde spierspanning.

 

Pijneducatie is misschien wel de meest onderschatte interventie. Begrijpen waarom pijn aanhoudt, ook als er geen weefselschade meer is, vermindert angst en catastroferen. Veel pijnrevalidatieprogramma’s beginnen hier bewust mee.

 

Pro-tip: Vraag een fysiotherapeut expliciet of hij of zij werkt volgens het biopsychosociale model en ervaring heeft met graded activity. Een behandelaar die uitsluitend focust op passieve behandelingen zoals massage of warmte, zonder actief oefenprogramma, sluit niet aan bij de huidige richtlijnen voor chronische pijn.

 

Uw eerste twee weken: een veilig startplan

 

  1. Dag 1–3: Breng uw huidige activiteitenniveau in kaart. Noteer dagelijks hoeveel u loopt, zit en beweegt, en geef uw pijn een cijfer van 0 tot 10.

  2. Dag 4–7: Voeg één korte activiteit toe van vijf tot tien minuten per dag, zoals rustig wandelen of lichte rekoefeningen. Stop niet bij lichte pijn, maar wel bij scherpe of uitstralende pijn.

  3. Dag 8–11: Bouw de activiteit op naar tien tot vijftien minuten. Pas pacing toe: wissel actieve periodes af met korte rustmomenten, zonder volledig te stoppen.

  4. Dag 12–14: Evalueer uw dagboek. Zijn er patronen zichtbaar? Neem dit mee naar uw fysiotherapeut of huisarts.

  5. Na twee weken: Bespreek de resultaten met uw zorgverlener en stel gezamenlijk meetbare doelen voor de komende zes weken.

 

Welke medicatie wordt gebruikt bij chronische pijn?

 

Medicatie bij chronische pijn is ondersteunend, niet curatief. De NHG benadrukt uitdrukkelijk dat niet-medicamenteuze behandeling prioriteit heeft. Toch zijn er situaties waarin medicatie zinvol bijdraagt, mits goed afgestemd op het type pijn en de individuele situatie.


Een arts bekijkt de bijsluiters van verschillende medicijnen om zich goed te informeren over de werking en mogelijke bijwerkingen.

Overzicht van medicatieklassen

 

Medicatieklasse

Voorbeelden

Toepassing

Aandachtspunten

Topische NSAID’s

Diclofenac gel, ketoprofen

Knie-artrose, lokale gewrichtspijn

Veiliger dan orale NSAID’s bij langdurig gebruik; hoog bewijs bij knie-artrose

Orale NSAID’s

Ibuprofen, naproxen

Musculoskeletale pijn, artrose

Niet bij hart- en vaatziekten, nierproblemen of maagulcera

Paracetamol

Paracetamol

Milde pijn, eerste stap

Beperkt effect bij chronische pijn; veilig bij juiste dosering

SNRI’s

Duloxetine

Neuropathische pijn, fibromyalgie, artrose

Duloxetine NNT ≈ 5 voor neuropathische pijn; ook effectief bij comorbide depressie

Antiepileptica

Gabapentine, pregabaline

Neuropathische pijn

NNT varieert per indicatie en dosering (4 in de literatuur); bijwerkingen: sufheid, duizeligheid

Tricyclische antidepressiva

Nortriptyline, amitriptyline

Neuropathische pijn, centrale pijn

Effect na enkele weken; bijwerkingen: droge mond, slaperigheid

Topische capsaïcine

Capsaïcinecrème

Neuropathische pijn die niet reageert op standaardbehandeling

Aanvullende optie; lokale huidreactie mogelijk

Opioïden

Morfine, oxycodon

Ernstige pijn, alleen na zorgvuldige selectie

Tweede keus; niet routinematig bij chronische niet-kankerpijn

Bronnen: AAFP niet-opioïde farmacotherapie; StatPearls Chronic Pain

 

Duloxetine kan effectief zijn bij neuropathische pijn, waarbij meerdere patiënten behandeld moeten worden om bij één patiënt een klinisch relevante pijnreductie te bereiken. Topische NSAID’s tonen bij knie-artrose hoog bewijs en zijn bij langdurig gebruik veiliger dan orale varianten, omdat de systemische blootstelling veel lager is.

 

Veiligheidswaarschuwing opioïden: SIGN-richtlijn 173 adviseert opioïden niet routinematig voor te schrijven bij chronische niet-kankerpijn. Kortdurend gebruik (tot drie maanden) is alleen verantwoord bij zorgvuldige patiëntselectie en frequente herbeoordeling. Bij een dagelijkse dosis boven 50 mg morfine-equivalent is intensieve monitoring vereist. Bijwerkingen treden op bij een groot deel van de patiënten, waaronder obstipatie en misselijkheid, terwijl ernstige complicaties zoals ademhalingsdepressie ook voorkomen.

 

Praktisch advies voor het gesprek met uw arts: bespreek altijd welk doel de medicatie heeft, hoe u het effect meet, wanneer u evalueert en wat de criteria zijn om te stoppen of af te bouwen.

 

Wanneer overwegen artsen procedures en ingrepen?

 

Procedures worden overwogen wanneer conservatieve zorg, oefentherapie en medicatie onvoldoende resultaat geven én er een duidelijk structureel of neuropathisch aangrijpingspunt is. Ze zijn geen eerste stap, maar een gerichte aanvulling.

 

Kort overzicht van de meest gebruikte ingrepen:

 

  • Corticosteroïde injecties: verminderen lokale ontsteking bij gewrichtspijn of zenuwwortelprikkeling; effect duurt doorgaans enkele weken tot maanden.

  • Facet- en epidurale injecties: gericht op wervelkolompijn; nuttig als diagnostisch én therapeutisch middel, maar effect is wisselend en tijdelijk.

  • Radiofrequente denervatie: onderbreekt pijnsignalen via warmtebehandeling van zenuwweefsel; wordt toegepast bij facetgewrichtspijn met bewezen tijdelijk effect van zes tot twaalf maanden.

  • Zenuwblokkades: blokkeren pijnsignalen in een specifiek zenuwgebied; zowel diagnostisch als therapeutisch inzetbaar.

  • Spinale cord stimulatie (SCS): implanteerbaar apparaat dat elektrische impulsen geeft nabij het ruggenmerg. Onderzoek toont dat SCS bij geselecteerde patiënten een pijnreductie van circa 50% kan geven ten opzichte van verdere medicamenteuze behandeling.

  • Chirurgie: alleen overwegen bij aangetoonde structurele oorzaak die niet anders te behandelen is; geen oplossing voor centrale sensitisatie.

 

Vragen die u moet stellen vóór u instemt met een procedure:

 

  • Wat is het verwachte effect en hoe lang duurt dat?

  • Welke risico’s zijn er specifiek voor mijn situatie?

  • Wordt dit vergoed door mijn zorgverzekering?

  • Wat is het plan als de procedure onvoldoende helpt?

 

Veel procedures bieden kortdurende verlichting. Ze zijn het meest zinvol als onderdeel van een breder behandelplan, niet als op zichzelf staande oplossing.

 

Hoe werkt de zorgroute in Nederland, van huisarts tot IMSR?

 

Nederland hanteert een stepped care-model voor chronische pijn, beschreven in zowel de Zorgstandaard Chronische Pijn als de Richtlijn Chronische Pijnrevalidatie. U begint laagdrempelig en schaalt alleen op wanneer de complexiteit of het uitblijven van effect dat vraagt.

 

De vier stappen in de praktijk

 

  1. Stap 1: Zelfzorg en preventie. Beweging, slaaphygiëne, stressreductie en e-health toepassingen. U kunt hier zelf mee beginnen, eventueel ondersteund door informatie van uw huisarts.

  2. Stap 2: Eerstelijns monodisciplinaire zorg. Uw huisarts verwijst naar een fysiotherapeut, psycholoog of oefentherapeut. Dit is voor de meeste mensen de kern van de behandeling. De NHG-leidraad wijst op het belang van vroege herkenning, waarbij de ICPC-code A01.01 voor chronische pijn helpt bij registratie en gerichte doorverwijzing.

  3. Stap 3: Multidisciplinaire eerstelijns zorg. Wanneer monodisciplinaire zorg onvoldoende helpt, werken fysiotherapeut, psycholoog en huisarts samen in een gecoördineerd traject.

  4. Stap 4: IMSR (Interdisciplinaire Medisch Specialistische Pijnrevalidatie). Bij complexe of therapieresistente pijn verwijst de huisarts of revalidatiearts naar een gespecialiseerd pijncentrum. Hier werken minimaal drie disciplines samen in een gestructureerd programma gericht op gedragsverandering, functionele training en pijneducatie.

 

Wie doet wat in het behandelteam?

 

  • Huisarts: coördineert, stelt diagnose, verwijst en bewaakt het overzicht.

  • Fysiotherapeut: oefentherapie, graded activity, manuele therapie en bewegingseducatie.

  • Revalidatiearts: medische coördinatie bij complexe gevallen en indicatiestelling voor IMSR.

  • Psycholoog: CGT, acceptatie- en commitmenttherapie (ACT), pijncoping.

  • Ergotherapeut: aanpassing van dagelijkse activiteiten en werkomgeving.

  • Pijnspecialist/anesthesioloog: indicatiestelling voor procedures en medicamenteuze optimalisatie.

 

Wanneer direct doorverwijzen?

 

Rode vlaggen die onmiddellijke actie vereisen:

 

  • Progressieve neurologische uitval (krachtverlies, gevoelsstoornissen die toenemen)

  • Onverklaarbaar gewichtsverlies of koorts bij pijn

  • Pijn na trauma of bij vermoeden van fractuur

  • Blaas- of darmstoornissen bij rugpijn (cauda equina syndroom)

 

Checklist voor uw huisartsbezoek

 

Neem het volgende mee naar uw afspraak:

 

  • Beschrijving van uw pijn: locatie, duur, karakter en wat het erger of beter maakt

  • Overzicht van eerdere behandelingen en het effect daarvan

  • Uw functionele doelen: wat wilt u weer kunnen doen?

  • Vragen over verwijzing naar fysiotherapie of een pijnteam

 

Hoe kiest u een therapeut of pijnteam?

 

Een goede therapeut voor chronische pijn werkt niet alleen aan uw lichaam, maar ook aan uw bewegingsgedrag en gedachten over pijn. Dat onderscheid maakt het verschil tussen kortdurende verlichting en duurzaam herstel.

 

Stel bij de intake deze vragen:

 

  • Werkt u volgens het biopsychosociale model?

  • Heeft u specifieke ervaring met chronische pijn en graded activity?

  • Hoe stellen we meetbare behandeldoelen en wanneer evalueren we?

  • Hoe verloopt de samenwerking met mijn huisarts of andere behandelaars?

 

Wat zijn realistische verwachtingen?

 

Binnen zes tot twaalf weken merkt u bij een goed programma verbetering in activiteitenniveau en dagelijks functioneren, ook als de pijn nog niet volledig weg is. Volledige pijnvrijheid is bij chronische pijn zelden het reële doel. Na zes tot twaalf maanden intensieve behandeling zijn grotere functionele winsten haalbaar, zeker in een multidisciplinair traject.

 

Rode vlaggen bij uw behandelaar:

 

  • Geen aandacht voor psychologische of sociale factoren

  • Uitsluitend passieve behandelingen, zonder actief oefenprogramma

  • Geen meetbare doelen of evaluatiemomenten

  • Ontmoedigt u om te bewegen vanwege pijn

 

Een goede eerste afspraak bevat altijd een uitgebreide biopsychosociale anamnese, een gesprek over uw persoonlijke doelen en een concreet behandelplan met afgesproken meetmomenten. Lees ook meer over manuele therapie als aanvulling op oefentherapie bij specifieke klachten.

 

Hoe ondersteunt Salbarfysiotherapie mensen met chronische pijn?

 

Salbarfysiotherapie is een gespecialiseerd fysiotherapiecentrum in Nederland dat patiënten met chronische klachten begeleidt vanuit een evidence-based, biopsychosociale aanpak. Het centrum richt zich op zowel Nederlandse patiënten als expats die vertrouwde, hoogwaardige zorg zoeken.

 

Wat Salbarfysiotherapie biedt voor mensen met chronische pijn:

 

  • Medische fysiotherapie en oefentherapie: gericht op graded activity, functioneel herstel en het verminderen van bewegingsangst.

  • Dry needling en manuele therapie: aanvullende technieken bij spier- en gewrichtsklachten, als onderdeel van een breder behandelplan.

  • Kinesiotaping en pressotherapie: ondersteunend bij herstel en pijnverlichting bij specifieke aandoeningen.

  • Orthomoleculaire therapie en bloedonderzoek: voor inzicht in onderliggende factoren die herstel beïnvloeden.

  • Samenwerking en doorverwijzing: bij complexe gevallen werkt het team samen met psychologen en verwijst het door naar IMSR-programma’s wanneer dat nodig is.

  • Meertalige ondersteuning: het team spreekt meerdere talen, wat de drempel voor expats verlaagt.

 

Praktisch: u kunt een intake plannen waarbij uw klachten biopsychosociaal in kaart worden gebracht, behandeldoelen worden vastgesteld en een persoonlijk behandelplan wordt opgesteld. Behandelingen zijn declareerbaar bij de meeste zorgverzekeraars. De patiënttevredenheidsscore van 9,6 weerspiegelt de kwaliteit van de zorg die het team levert.

 

Belangrijkste inzichten

 

De meest effectieve behandeling van chronische pijn in Nederland combineert oefentherapie, zelfmanagement en gerichte psychologische ondersteuning, met opschaling naar multidisciplinaire pijnrevalidatie wanneer eerstelijns zorg onvoldoende resultaat geeft.

 

Punt

Details

Biopsychosociale aanpak

Behandel pijn als een samenspel van lichamelijke, psychologische en sociale factoren, niet als puur lichamelijk probleem.

Oefentherapie als basis

Graded activity en fysiotherapie zijn de best onderbouwde interventies; start laagdrempelig en bouw geleidelijk op.

Terughoudendheid met opioïden

Opioïden zijn geen standaardbehandeling bij chronische niet-kankerpijn; SIGN en NHG adviseren zorgvuldige selectie en kortdurend gebruik.

Stepped care in Nederland

Volg de zorgroute van zelfzorg naar eerstelijns fysiotherapie en schakel bij onvoldoende effect op naar IMSR.

Salbarfysiotherapie

Biedt een geïntegreerde, evidence-based aanpak voor chronische klachten, met meertalige ondersteuning voor expats in Nederland.

Chronische pijn vraagt om een andere kijk op herstel

 

Wat ik keer op keer zie bij mensen met chronische pijn, is dat de grootste doorbraak niet komt van een nieuwe injectie of een ander medicijn. Ze komt op het moment dat iemand begrijpt dat pijn niet altijd gelijkstaat aan schade, en dat bewegen, ook als het ongemakkelijk voelt, onderdeel is van het herstel.

 

De verwachting dat behandeling de pijn volledig wegneemt, is begrijpelijk, maar zelden realistisch bij langdurige klachten. Wat wél realistisch is: beter slapen, meer kunnen bewegen, weer aan het werk gaan, of gewoon een dag doorkomen zonder dat pijn alles overheerst. Dat zijn de doelen die tellen.

 

Het grootste misverstand dat ik tegenkom, is dat rust de oplossing is. Rust helpt bij acuut letsel. Bij chronische pijn werkt het averechts: het zenuwstelsel raakt nog gevoeliger, de conditie daalt en de angst voor bewegen groeit. Actieve deelname aan uw eigen herstel, hoe klein ook, is de krachtigste interventie die er is.

 

Bespreek met uw behandelaar wat ú wilt bereiken. Niet wat de pijn u verbiedt, maar wat u weer wilt kunnen doen. Dat gesprek is het begin van een traject dat werkt.

 

Salbarfysiotherapie: persoonlijke begeleiding bij chronische pijn

 

Chronische pijn vraagt om meer dan een standaardbehandeling. Bij Salbarfysiotherapie krijgt u een persoonlijk behandelplan dat aansluit bij uw klachten, uw doelen en uw dagelijks leven. Of u nu al jaren met rugpijn worstelt, herstelt van een blessure of als expat in Nederland op zoek bent naar vertrouwde zorg: het team staat voor u klaar.


Salbarfysiotherapie

Het aanbod omvat fysiotherapie, oefentherapie, dry needling, manuele therapie, kinesiotaping en meer. Behandelingen zijn declareerbaar bij de meeste Nederlandse zorgverzekeraars. Het team spreekt meerdere talen en begrijpt wat het betekent om in een nieuw land de juiste zorg te vinden.

 

Bekijk het volledige overzicht van behandelingen en plan uw intake. Samen stellen we meetbare doelen en beginnen we aan herstel dat blijft.

 

Betrouwbare bronnen voor verdere informatie

 

Bij het samenstellen van dit artikel is gebruikgemaakt van de volgende gezaghebbende bronnen. Ze zijn geselecteerd op basis van nationale toepasbaarheid voor Nederland, hoog bewijsniveau en recente datering.

 

  • NHG-Leidraad Chronische Pijn: de Nederlandse huisartsengeneeskundige richtlijn voor organisatie en werkwijze bij chronische pijn; leidend voor de eerstelijnspraktijk in Nederland.

  • Richtlijn Chronische Pijnrevalidatie (Richtlijnendatabase): nationale richtlijn voor stepped care, IMSR en multidisciplinaire pijnrevalidatie; gebaseerd op systematische reviews en expertconsensus.

  • Zorgstandaard Chronische Pijn: beschrijft de integrale zorgstandaard voor Nederland, van preventie en zelfzorg tot tweedelijns multidisciplinaire behandeling.

  • SIGN 173: Management of Chronic Pain: Schotse nationale richtlijn met sterke aanbevelingen over opioïdengebruik en multimodale behandeling; internationaal gezaghebbend.

  • AAFP: Nonopioid Pharmacologic Management of Chronic Noncancer Pain: overzicht van niet-opioïde medicatieklassen met NNT-waarden; peer-reviewed en praktijkgericht.

  • StatPearls: Chronic Pain (NCBI Bookshelf): uitgebreid klinisch overzicht van farmacologische en niet-farmacologische behandelopties; continu bijgewerkt door medische redacteuren.

  • Cleveland Clinic: Chronic Pain Overview: toegankelijke, evidence-based patiënteninformatie van een internationaal erkend medisch centrum; nuttig als aanvulling op richtlijnen.

 

Dit artikel biedt algemene informatie over de behandeling van chronische pijn en vervangt geen professioneel medisch advies. Raadpleeg uw huisarts of een gekwalificeerde zorgverlener voor een beoordeling van uw persoonlijke situatie.

 

Aanbeveling

 

 
 
bottom of page