top of page
Zoeken

Tendinopathie behandelen met fysiotherapie: stap voor stap

  • Foto van schrijver: Boris Feldman
    Boris Feldman
  • 16 aug
  • 10 minuten om te lezen

Een fysiotherapeut begeleidt een patiënt bij het uitvoeren van isometrische oefeningen voor de pezen in de arm.

De meest effectieve aanpak bij tendinopathie is een gefaseerd, oefentherapie-centrisch stappenplan met load management, gerichte krachtopbouw en, waar nodig, ondersteunende technieken. Geen snelle fix, maar een bewezen pad naar duurzaam herstel.

 

Wat u concreet kunt verwachten:

 

  • Stap 1 — Intake en diagnostiek: uw fysiotherapeut brengt oorzaken, risicofactoren en belastingspatroon in kaart met meetinstrumenten zoals de VISA-A-vragenlijst en functionele tests.

  • Stap 2 — Fasering: pijncontrole via isometrische oefeningen → krachtopbouw via excentrische training en heavy slow resistance (HSR) → functionele terugkeer met plyometrie en sportspecifieke belasting.

  • Stap 3 — Load management: gedoseerde opbouw met 1–3 dagen herstel tussen zware sessies; volledig stoppen is contraproductief.

  • Stap 4 — Evaluatie na 12 weken: pas dan worden aanvullende technieken zoals shockwave (ESWT), percutane elektrolyse (EPTE) of dry needling overwogen, altijd als aanvulling op oefentherapie.

  • Stap 5 — Terugkeer naar activiteit: met een gestructureerde checklist en progressiecriteria.

 

Eerste verbeteringen zijn vaak merkbaar na 6–12 weken. Optimaal herstel, waarbij kracht, uithoudingsvermogen en functionele capaciteit volledig zijn hersteld, vraagt doorgaans een lange periode van gestructureerde training.

 

Belangrijkste inzichten

 

Oefentherapie is de onmisbare basis bij tendinopathie: start met isometrische pijncontrole, bouw systematisch kracht op via excentrische training en HSR, en monitor uw vooruitgang met de VISA-vragenlijst en pijnschaal.

 

Punt

Details

Oefentherapie als eerste lijn

Start met isometrische oefeningen voor pijncontrole, gevolgd door excentrische training en HSR gedurende minimaal 12 weken.

Pijnregel tijdens training

Pijn tot 5/10 is acceptabel, mits pijn binnen 24 uur daalt en ochtendstijfheid niet toeneemt.

Tijdlijn voor herstel

Eerste verbetering vaak na 6–12 weken; optimaal herstel vraagt doorgaans 6–12 maanden gestructureerde training.

Aanvullende technieken

ESWT, EPTE en dry needling zijn ondersteunend, nooit een vervanging van oefentherapie; ESWT wordt na 3 sessies geëvalueerd.

Salbarfysiotherapie

Biedt het volledige traject van intake en oefenprogramma tot ESWT, EPTE en dry needling, afgestemd op uw persoonlijke herstelpad.

Inhoudsopgave

 

 

Hoe behandelt een fysiotherapeut tendinopathie stap voor stap?

 

Tendinopathie is een overkoepelende term voor peesproblematiek waarbij peesweefsel degeneratief verandert of overbelast raakt. Het onderscheid met tendinitis, waarbij acute ontsteking centraal staat, is klinisch relevant: bij tendinopathie gaat het vaker om een chronisch, belastingsgerelateerd proces waarbij het weefsel zijn normale structuur verliest. Dat verschil bepaalt de behandelstrategie.

 

Tijdens de intake stelt uw fysiotherapeut gerichte vragen over:

 

  • Pijnkarakter: wanneer treedt pijn op, hoe lang duurt het, is er ochtendstijfheid?

  • Belastingspatroon: trainingsfrequentie, plotselinge toename van volume of intensiteit, beroepsbelasting.

  • Duur van de klachten en eerdere behandelingen.

  • Triggers: specifieke bewegingen, schoeisel, ondergrond.

 

Vervolgens volgen functionele tests. Bij achillestendinopathie meet de fysiotherapeut kuitkracht via de single-leg heel raise, beoordeelt de enkelmobiliteit en palpeert de pees op drukpijn en zwelling. Bij schoudertendinopathie staan scapulaire stabiliteit en schouderkrachtmetingen centraal. De VISA-A-vragenlijst (of een locatiespecifieke variant) geeft een objectieve score van peesklachten en functionele beperkingen, en dient als nulmeting voor het verloop van de behandeling.

 

Beïnvloedbare risicofactoren worden expliciet benoemd: een te snelle toename van trainingsbelasting, ongunstige biomechanica, ongeschikt schoeisel, slaaptekort of een hoog lichaamsgewicht. Zonder deze factoren aan te pakken, blijft elk oefenprogramma suboptimaal.

 

Pro-tip: Noteer uw pijnniveau op een schaal van 0–10 vóór, tijdens en 24 uur na elke training. Die drie meetmomenten geven uw fysiotherapeut precies de informatie die nodig is om uw programma bij te stellen.

 

Welke fases doorloopt u tijdens de behandeling?

 

Een helder fasisch model voorkomt dat u te snel of te langzaam opbouwt. De Richtlijnendatabase adviseert krachtoefeningen minimaal 12 weken vol te houden als kern van de conservatieve behandeling. Dat is geen willekeurig getal: peesweefsel past zich langzamer aan dan spierweefsel.

 

Fase A — Pijnsturing en tolerantie

 

Doel: pijn beheersbaar maken en de pees veilig belasten. Isometrische oefeningen vormen hier de basis. U spant de spier aan zonder beweging, wat pijnstillend werkt en de pees toch prikkelt. Belastingsaanpassing betekent: activiteiten die pijn boven 5/10 veroorzaken tijdelijk terugschroeven, niet volledig staken.


Een patiënt voert thuis kuitoefeningen uit waarbij de spieren statisch worden aangespannen.

Fase B — Krachtopbouw

 

Zodra pijn beheersbaar is (consistent ≤5/10 tijdens oefening, geen toename van ochtendstijfheid), verschuift het programma naar excentrische en concentrische krachtoefeningen en HSR-principes. Deze fase duurt minimaal 12 weken.

 

Fase C — Functioneel herstel

 

Plyometrische oefeningen, sportspecifieke taken en snelheidstraining bereiden u voor op volledige terugkeer. Pas wanneer functionele tests zoals hoptesten en single-leg heel raise vergelijkbaar zijn met de niet-aangedane zijde, is terugkeer naar volle sportbelasting verantwoord.

 

Progressiecriteria om van fase naar fase te gaan:

 

  • Pijn tijdens en na oefening consistent ≤5/10.

  • Geen toename van ochtendstijfheid de dag na training.

  • Verbeterde VISA-score ten opzichte van de nulmeting.

  • Functionele testresultaten die de volgende fase ondersteunen.

 

Welke oefeningen helpen bij tendinopathie en hoe bouwt u op?

 

De kern van het herstelproces zijn drie oefenvormen die elkaar opvolgen. Consistentie en belastingsopbouw wegen zwaarder dan perfecte uitvoeringstechniek, zo blijkt uit de richtlijn voor achillestendinopathie.

 

Isometrische oefeningen voor pijncontrole

 

Begin met 5 herhalingen van 45–60 seconden aanhoudende contractie, dagelijks of om de dag. Een voorbeeld bij achillestendinopathie: sta op de bal van uw voet en houd de positie vast zonder op en neer te bewegen. Pijn tot een middelhoog niveau is acceptabel, mits de pijn binnen 24 uur afneemt. Meer over pijnmanagement via isometrische belasting leest u in ons uitgebreide artikel hierover.

 

Excentrische oefeningen en heavy slow resistance

 

Zodra fase A stabiel is, introduceert uw fysiotherapeut excentrische belasting. Bij het Alfredson-protocol voor de achillespees voert u de neerwaartse beweging van de hielraise langzaam en gecontroleerd uit, met het lichaamsgewicht als weerstand. HSR voegt externe gewichten toe en traint zowel de excentrische als de concentrische fase in een traag tempo (3 seconden omhoog, 3 seconden omlaag). De progressie verloopt van 3 sets van 15 herhalingen naar 3 sets van 8 herhalingen met toenemend gewicht. Verhoog het gewicht wanneer u de huidige belasting twee opeenvolgende sessies zonder pijntoename afrondt. Waarom excentrisch trainen zo effectief is voor peesgezondheid, leest u hier.


Patiënt voert een excentrische hieloefening uit waarbij hij langzaam de hak laat zakken.

Neuromusculaire oefeningen en keten-correctie

 

Peesklachten ontstaan zelden in isolatie. Bij achillestendinopathie spelen heup- en kniestabiliteit een rol; bij schoudertendinopathie is scapulaire controle cruciaal. Uw fysiotherapeut voegt gerichte heup-, knie- of rotatorkrafoefeningen toe om de volledige bewegingsketen te versterken.

 

Voorbeeldprogramma over 12 weken

 

Peesweefsel heeft na een zware sessie 1–3 dagen herstel nodig. Plan zware sessies dus nooit op opeenvolgende dagen.

 

Pro-tip: Gebruik een eenvoudig oefendagboek: noteer sets, gewicht en pijnscore na elke sessie. Zo ziet u zelf wanneer u klaar bent voor de volgende stap, en geeft u uw fysiotherapeut concrete data bij elke controle.

 

Wanneer zijn aanvullende behandelingen zinvol?

 

Oefentherapie is en blijft de eerste lijn. Aanvullende technieken komen pas in beeld wanneer een adequaat uitgevoerd oefenprogramma onvoldoende effect heeft. Dat is geen mening, maar een aanbeveling uit de Richtlijnendatabase.

 

  • ESWT (shockwave-therapie): wordt na 3 sessies geëvalueerd; maximaal 5 sessies worden overwogen bij aantoonbaar effect. Altijd gecombineerd met oefentherapie, nooit als vervanging. Meer over wat u als patiënt kunt verwachten, leest u in ons artikel over schokgolftherapie.

  • Percutane elektrolyse (EPTE): een naaldtechniek die degeneratief peesweefsel lokaal behandelt via een zwakke elektrische stroom. Het bewijs is wisselend, maar bij chronische tendinopathie kan EPTE ondersteunend zijn als aanvulling op het oefenprogramma.

  • Dry needling: gericht op triggerpoints in de omliggende spieren die bijdragen aan pijnklachten. Ondersteunend effect, geen structurele peesbehandeling.

  • Tape en orthesen: kinesiotape of een tijdelijke hielverhoging kan de pees kortdurend ontlasten en proprioceptie verbeteren. Beschouw dit als een hulpmiddel in de beginfase, niet als structurele oplossing.

  • Injecties (PRP, corticosteroïden): gebruik terughoudend en alleen als onderdeel van een multidisciplinair besluit. Corticosteroïden kunnen op korte termijn pijn verlichten maar zijn geassocieerd met verhoogd risico op peesschade bij langdurig gebruik.

 

De gelaagde en geïndividualiseerde aanpak die richtlijnen aanbevelen, combineert load management, oefentherapie en, waar nodig, fysiologische modaliteiten. De behandelkeuze hangt af van de pathologie en de functionele eisen van de patiënt. Aanvullende technieken versterken het effect van oefentherapie, maar vervangen het nooit.

 

Hoe beheert u uw belasting en keert u veilig terug naar sport?

 

Relatieve rust betekent: blijven bewegen zonder de pees te overbelasten. Volledig stoppen met activiteit leidt tot verlies van peesbelastbaarheid en vertraagt herstel. De kunst is doseren.

 

Checklist voor veilige progressie:

 

  1. Pijnniveau tijdens activiteit ≤5/10 op de pijnschaal.

  2. Pijn neemt binnen 24 uur na training af, niet toe.

  3. Geen toename van ochtendstijfheid de volgende dag.

  4. Functionele testresultaten verbeteren aantoonbaar (VISA-score, heel raise-capaciteit).

  5. Trainingsvolume en intensiteit worden niet tegelijk verhoogd.

 

Praktische opbouw bij terugkeer naar sport:

 

  • Begin met lage intensiteit en beperkt volume: wandelen, fietsen of zwemmen als actief herstel.

  • Verhoog volume (duur/afstand) vóór intensiteit (snelheid/gewicht).

  • Voeg sportspecifieke belasting pas toe in fase C, na geslaagde functionele tests.

  • Bouw plyometrische elementen (springen, sprinten) geleidelijk in, met minimaal twee hersteldagen ertussen.

 

Praktische adviezen om terugval te voorkomen: kies schoeisel met voldoende demping en ondersteuning, warm altijd op met lichte mobilisatie en lage intensiteit, en varieer trainingsvormen om eenzijdige belasting te vermijden. Sporters die terugkeren naar vechtsporten of intensieve trainingsvormen, zoals kickboksen, doen er goed aan de progressie met hun fysiotherapeut af te stemmen voordat ze volledig hervatten.

 

Wanneer zijn beeldvorming of verwijzing naar een specialist nodig?

 

De meeste gevallen van tendinopathie reageren goed op conservatieve behandeling. Toch zijn er situaties waarin aanvullende diagnostiek of verwijzing naar een orthopedisch chirurg of sportarts aangewezen is.

 

Rode vlaggen die directe aandacht vragen:

 

  • Snel progressieve zwelling of plotselinge, hevige pijn die wijst op een (gedeeltelijke) ruptuur.

  • Neurogene symptomen zoals tintelingen, uitstralende pijn of krachtsverlies.

  • Onverklaarbare sterke afname van functie zonder duidelijke belastingstoename.

  • Systemische symptomen (koorts, algehele malaise) die op een infectie of reumatische aandoening kunnen wijzen.

 

Beeldvorming via echografie of MRI is zinvol bij twijfel over een achillesruptuur, een atypische presentatie of wanneer herstel uitblijft na een adequaat uitgevoerde conservatieve behandeling van minimaal 12 weken. Echografie is doorgaans de eerste keuze vanwege beschikbaarheid en dynamische beoordelingsmogelijkheden.

 

Operatie is zelden nodig. Volgens Máxima MC wordt operatie alleen overwogen na het falen van goed uitgevoerde conservatieve therapie bij een patiënt met persisterende functionele beperking. Dat besluit wordt altijd multidisciplinair genomen.

 

Pro-tip: Documenteer uw behandeltraject zorgvuldig: VISA-scores, oefendata en pijnverloop. Als verwijzing nodig is, geeft deze informatie de specialist direct inzicht in wat al geprobeerd is en hoe de pees heeft gereageerd.

 

Hoe meet u uw vooruitgang objectief?

 

Subjectief gevoel is een slechte raadgever bij tendinopathie: pijn kan tijdelijk afnemen terwijl de pees nog niet belastbaar genoeg is voor volle activiteit. Objectieve meetinstrumenten geven houvast.

 

Meetinstrumenten die uw fysiotherapeut gebruikt:

 

  • VISA-vragenlijst: locatiespecifiek (VISA-A voor achilles, VISA-P voor patella). Scoort peesklachten en functionele beperkingen op een schaal van 0–100; hogere score betekent betere functie. Wordt afgenomen bij aanvang, na 6 weken, na 12 weken en periodiek daarna.

  • Pijnschaal 0–10: gemeten vóór, tijdens en 24 uur na belasting. Acceptatiegrens tijdens oefening: ≤5/10, mits pijn binnen 24 uur daalt.

  • Functionele testen: single-leg heel raise (aantal herhalingen en kwaliteit), hoptesten voor achilles- en patellaklachten, of sportspecifieke taken als criterium voor terugkeer.

 

Evaluatiemomenten

 

Moment

Doel

Baseline (week 0)

Nulmeting VISA, pijnschaal, functionele test

Week 6

Tussentijdse evaluatie; aanpassen programma indien nodig

Week 12

Formele evaluatie; beslissing over fase C of aanvullende technieken

Periodiek daarna

Bewaken van volledig functioneel herstel

Wat kunt u thuis doen om herstel te ondersteunen?

 

Therapietrouw is de sterkste voorspeller van herstel bij tendinopathie. Een haalbaar dagelijks programma van 15–20 minuten is effectiever dan een intensief schema dat u na twee weken loslaat. Meer over hoe u huiswerkoefeningen structureel inplant leest u in ons praktische artikel hierover.

 

Concrete adviezen voor thuis:

 

  • Koppel oefeningen aan een vaste dagelijkse routine, bijvoorbeeld na het ontbijt of voor het slapengaan.

  • Slaap en voeding ondersteunen peesherstel: voldoende eiwitinname en 7–9 uur slaap per nacht zijn geen luxe maar basisvoorwaarden voor weefselreparatie.

  • Gebruik tijdelijke hulpmiddelen zoals een hielverhoging in de schoen om de pees in de beginfase te ontlasten. Dit is een tijdelijke maatregel, geen permanente oplossing.

  • Pas uw werkomgeving aan als langdurig staan of zitten klachten verergert: wissel posities af en bouw korte beweegmomenten in.

  • Gebruik oefenvideo’s of een app om uitvoering te controleren en motivatie vast te houden.

 

Pro-tip: Stel uzelf kleine, meetbare doelen per twee weken: “Ik voer de heel raise drie keer per week uit” is concreter en haalbaarder dan “Ik ga beter worden.” Kleine successen houden u gemotiveerd voor de lange termijn.

 

Wat u bij Salbarfysiotherapie kunt verwachten

 

Bij Salbarfysiotherapie begint elke behandeling van tendinopathie met een uitgebreide intake: anamnese, functionele tests en een VISA-meting als nulmeting. Vanuit die baseline stelt uw fysiotherapeut een persoonlijk 12-weken oefenprogramma op, afgestemd op uw belastingspatroon, doelen en dagelijks leven.

 

Wat de aanpak concreet inhoudt:

 

  • Stapsgewijze opbouw: isometrisch → excentrisch/HSR → functioneel, met duidelijke progressiecriteria per fase.

  • Evaluatie na 12 weken met herhaalde VISA-meting en functionele tests; het programma wordt bijgesteld op basis van uw resultaten.

  • Aanvullende behandelingen zoals ESWT, EPTE en dry needling zijn beschikbaar binnen de kliniek, altijd als aanvulling op het oefenprogramma.

  • Persoonlijke trainingsprogramma’s voor wie naast de behandeling gestructureerd wil werken aan kracht en conditie.

  • Het team volgt jaarlijkse bijscholing, zodat u behandeld wordt volgens de meest actuele inzichten en richtlijnen.

 

De diensten van Salbarfysiotherapie omvatten het volledige traject van intake tot terugkeer naar sport, met aandacht voor zowel de pees als de factoren die herstel beïnvloeden.

 

Waarom geduld en consistentie doorslaggevend zijn

 

Patiënten die met tendinopathie binnenkomen, verwachten vaak dat een paar sessies shockwave of een injectie het probleem oplost. Dat is begrijpelijk: pijn is belastend en de wens naar snel herstel is volkomen menselijk. Maar de praktijk laat keer op keer zien dat wie de oefentherapie overslaat of te vroeg stopt, terugvalt.

 

Wat mij opvalt, is dat de patiënten die het beste herstellen niet per se de meest gedisciplineerde sporters zijn. Het zijn de mensen die leren omgaan met onzekerheid: die accepteren dat pijn tot 5/10 tijdens oefening geen schade betekent, die hun VISA-score bijhouden ook als de vooruitgang langzaam gaat, en die hun fysiotherapeut blijven bevragen als iets onduidelijk is. Dat actieve, nieuwsgierige herstelgedrag maakt meer verschil dan welke techniek dan ook.

 

De neiging om aanvullende technieken te zien als de “echte” behandeling en oefentherapie als de saaie aanloop, is een hardnekkig misverstand. Shockwave, EPTE en dry needling zijn waardevol, maar ze werken het best als de pees tegelijkertijd mechanisch geprikkeld wordt via progressieve belasting. Zonder dat fundament is elk aanvullend effect tijdelijk.

 

Geef uzelf de tijd die peesweefsel biologisch nodig heeft. Zes tot twaalf maanden klinkt lang, maar wie dat traject serieus neemt, keert sterker terug dan voor de blessure.

 

Tendinopathie aanpakken met Salbarfysiotherapie

 

Pijn aan uw pees die maar niet overgaat? Bij Salbarfysiotherapie krijgt u geen standaardprotocol, maar een behandelplan dat aansluit op uw situatie: uw sport, uw werkbelasting, uw herstelsnelheid. De intake is concreet en gericht: binnen één consult weet u wat er speelt, wat de doelen zijn en hoe het programma eruitziet.


Salbarfysiotherapie

Alle behandelingen die bij tendinopathie relevant zijn, van oefentherapie en ESWT tot EPTE en dry needling, zijn beschikbaar onder één dak. Zo hoeft u niet te zoeken naar aanvullende verwijzingen. Maak een afspraak of vraag een intake aan via de servicespagina van Salbarfysiotherapie en zet vandaag de eerste stap naar herstel.

 

Bronnen

 

Voor wie verder wil lezen of de onderbouwing van dit stappenplan wil raadplegen:

 

 

Dit artikel bevat algemene informatie en vervangt niet het advies van een gekwalificeerde arts. Raadpleeg een gekwalificeerde zorgverlener over uw eigen situatie voordat u op basis van deze inhoud handelt.

 

Aanbeveling

 

 
 
bottom of page